Reisverslag

1 - 19 oktober 2003

 

1 oktober 2003 - Purnululu National Park

 

Zoals gepland staan we vroeg op vanochtend. We eten even een boterham en daarna vertrekken we richting het startpunt van de "Cathedral Gorge Walk", een kleine 30 km verderop. We parkeren de auto op een plek waar een klein beetje schaduw is, hopelijk is onze "eski" nog een beetje koel als we straks terug komen...

 

De wandeling is inclusief de "Domes Trail" ongeveer 3 km (heen en terug) en over het algemeen niet al te moeilijk. We lopen over een droge rivierbedding tussen de enorme "beehives" (de rotsen lijken op bijenkorven) door richting de "Cathedral Gorge". We weten nauwelijks waar we kijken moeten, alles is mooi. De rotsen zijn oranje met donkerbruin en in het zonlicht echt heel erg mooi.

 

    

 

    

 

Aan het eind van het pad is de "Cathedral Gorge". Het is een natuurlijk amfitheater, met een prachtige akoestiek. Dat merken we al als we gewoon tegen elkaar praten (het galmt), maar vooral iets later... De gids van een tourgroep die iets later in de "gorge" aankomen, begint te zingen. Z'n stem is echt niet geweldig, maar hier klinkt 't prachtig... hier kan Ahoy nog wat van leren !

 

 

 

We lopen via het zelfde pad terug naar de auto. Het is inmiddels een uur of elf en we hebben een beetje trek gekregen. We lunchen eerst en relaxen daarna een paar uurtjes. Niet dat we zo moe zijn geworden van de wandeling, dat valt wel mee, maar het is gewoon te heet om te wandelen. Rob en Ger hebben ons verteld dat we echt even een stukje van de "Picaninny Gorge Walk" moeten doen. De hele wandeling is 30 km en duurt zeker 2 dagen. Dat is niet de bedoeling, maar een klein stukje moet wel lukken !

 

Om een uur of twee gaan we toch maar, het is nog steeds erg warm, maar anders lukt het vandaag niet meer. Rob en Ger hadden gelijk, het is echt heel bijzonder om hier zo tussen de enorme rotsen door te lopen. De rivierbedding is helemaal droog en we kunnen ons dan ook moeilijk voorstellen dat het pad in het regenseizoen verandert in een stromende rivier. Het pad ligt vol grote en kleine kiezelstenen in allerlei mooie pasteltinten. We maken een heleboel digitale foto's waar we straks (met behulp van een computerprogrammaatje) panoramafoto's van gaan maken...

 

Uiteindelijk rijden we pas om een uur of vier richting de camping. We rijden o.a. langs "Elephant Rock". Het is ons eerst niet duidelijk waarom de rots zo heet, maar dan zien we het... het lijken inderdaad twee olifantjes.

 

 

Terug op de camping relaxen we een beetje. Het is nog steeds erg warm, maar gelukkig hebben we genoeg schaduw. Ik "plak" na het eten nog wat foto's aan elkaar, ze zijn bijna allemaal goed gelukt.

 

 

 

Rickert leest ondertussen een boek, nou ja, leest...

 

 

Het was een heerlijk dagje tussen de "Bungles", met twee prachtige wandelingen, maar we zijn nu wel erg moe. We gaan om een uur of negen slapen, morgen alweer ons laatste dagje in dit park...

 

2 oktober 2003 - Purnululu National Park - Kununurra

 

Om zes uur staan we op, het is nog heerlijk koel. Ook vannacht was het heerlijk, we hebben allebei prima geslapen.

   

 

We vetrekken om een uur of zeven richting de "Echidna Chasm". De exacte vertaling voor "Chasm" weten we niet, maar het is een soort smalle kloof tussen de rotsen. Aan het begin van de wandeling lopen we in de zon tussen de palmen en de rode rotsen door. Daarna lopen we tussen de rotswanden door. Deze wanden zijn zo hoog dat er nauwelijks zonlicht in de kloof schijnt. Heerlijk, omdat het zo heerlijk koel blijft, maar ook wel weer jammer... foto's maken met dit licht is erg moeilijk. Met de gewone camera lukt het nog wel, maar met de digitale is het nauwelijks mogelijk om de prachtige kleuren goed in beeld te krijgen.

 

 

    

 

 

Het pad tussen de rotswanden wordt steeds smaller, op sommige stukken kunnen we er net tussendoor lopen ! Aan het eind kunnen we via een ladder een stukje naar boven klimmen. En daar staan we dan, we hebben bijna het gevoel dat we onder de grond zitten, zo weinig licht is er. De akoestiek is weer geweldig. Rickert probeert z'n zangkunsten uit... we zijn toch alleen... het klinkt prima ! Ik kan het niet laten om even een stukje tegen de rotswanden op te klimmen...

 

Via de zelfde weg lopen we terug naar de auto. We zien een "Bower". Dit bouwwerk wordt door een mannelijke "Bowerbird" gemaakt. Hij maakt met behulp van een heleboel takjes een soort nest. Hij versiert het geheel met gekleurde schelpen en stenen en probeert zo een vrouwtje te versieren. Hij doet een paringsdans voor het bouwwerk om zo het vrouwtje mee naar binnen te lokken. Nadat ze in de "bower" hebben gepaard, gaan ze weer uit elkaar. Het vrouwtje broedt in haar eentje de eieren uit en brengt de kuikens zelf groot. De "bower" wordt dus niet als nest gebruikt !

 

           

 

Iets verderop zien we een "skink", een soort grote hagedis. Het is een ander soort dan we tot nu toe hebben gezien.

 

Bij de auto blijkt dat de kleine "native bees" (Australische bijtjes) die hier vliegen helemaal gek worden van een beetje water. Ik knoei wat water bij het vullen van onze drinkflessen en binnen no-time zitten op dat kleine beetje water een heleboel van die kleine bijtjes... gelukkig prikken of bijten ze niet !

 

Voordat we het park verlaten, maken we nog een stop bij het Visitor Centre. We kijken nog even wat fotoboeken over dit gebied in. Leuk om te zien hoe anders het er hier uitziet in "The Wet", het regenseizoen.

 

Onderweg naar Kununurra vullen we onze tank met een van de reservetankjes diesel die we bij ons hebben. Waarschijnlijk hebben we nog wel genoeg om naar Turkey Creek te rijden, maar voor de zekerheid gooien we er alvast wat bij. In Turkey Creek (zo'n 100 km verder) blijkt tijdens het tanken dat we inderdaad genoeg hadden gehad, maar goed, het tussentijds bijvullen heeft ons in elk geval geld gescheeld. De diesel is hier $1,25 per liter en dat is (voor Australische begrippen) heel erg duur.

 

Voordat we in Kununurra aankomen, rijden we langs een enorme "Boab". Rickert had 'm op onze reis naar de Bungles ook al gezien. Toen zijn we niet gestopt, nu dus wel. We maken een aantal foto's van Rickert in de boom, ongelooflijk hoe groot deze boom is !

 

         

 

Om een uur of vier zijn we weer terug op de camping in Kununurra. Een van de managers vraagt of hij "onze" plaats moet aanwijzen, of dat we 'm zelf wel terug kunnen vinden... dat zal wel lukken :-)

 

Ik doe meteen een wasje. De broek die ik heb aangehad tijdens de wandelingen de afgelopen dagen is echt heel erg goor geworden en ook Rickert's favoriete outfit kan wel een sopje gebruiken... De was is na een uur al droog, heerlijk dat warme weer hier !

 

We vullen alle lege flessen die we hebben met water en zetten ze in de vriezer. Bevroren zijn het echt de best denkbare "koelhouders" voor onze koelbox. En dan is het tijd voor een bezoek aan de supermarkt. We gaan de komende 2 a 3 weken over de Gibb River Road reizen en daar kunnen we nauwelijks boodschappen doen. Omdat we verse producten niet lang goed kunnen houden en we ook niet elke dag het zelfde willen eten hebben we een soort menu samengesteld voor al die dagen.

 

Een uur later staan we buiten met een heleboel plastic zakjes gevuld met nog veel meer blikjes, zakjes en potjes... Als we in Broome aankomen (het einde van "The Gibb"), kunnen we waarschijnlijk geen blikvoer meer zien... Natuurlijk hebben we ook aan de vitamientjes gedacht, ja, ja, onze moeders kunnen weer trots op ons zijn ;-) We hebben o.a. sinaasappels, broccoli en multivitamine sap gekocht.

 

Terug op de camping pakken we alles uit en proberen we alles een goed plekje te geven. Dat is niet eenvoudig. Aan het eind van ons inruim-avontuur zitten alle kratten en ons groente-doosje hartstikke vol !

 

Inmiddels is het al vrij laat. We hebben nog niet gegeten, maar eigenlijk ook weinig honger. Rickert bakt dus alleen onze karbonaatjes, de rest bewaren we voor morgen.

 

Ik maak de website af, zodat we morgen het verslag van de afgelopen week online kunnen zetten. Als ik klaar ben, springen we nog even het zwembad in... heerlijk om zo een beetje af te koelen. We liggen (veel te) laat in bed, maar zijn in elk geval weer lekker fris !

 

3 oktober 2003 - Kununurra - Parry Lagoons Nature Reserve

 

We slapen een beetje uit, pakken alles in, zwemmen nog even en vullen de "eski" met alle spullen die we in de vriezer en koelkast hadden staan. Daarna gaan we naar de stad om de website te updaten.

 

We hebben gisteren gehoord dat dat kan bij het Telecentre, dus daar gaan we naartoe. Terwijl we de computer "inplug-klaar" maken, vraag ik hoeveel het eigenlijk kost om in te bellen. De dame achter de balie zegt "$ 2,85..." Okť, denken we dat is goedkoop... iets later blijkt dat dat de prijs voor 10 minuten is... dat is echt belachelijk duur... We ruimen alles weer op en gaan weer weg...

 

Shit, wat zullen we doen... we willen echt graag vandaag de website updaten, want voorlopig kunnen we dat waarschijnlijk niet. We gaan even naar het Visitor Centre (naast het Telecentre). Een van de dames daar vertelde ons dat we konden inbellen bij het Telecentre, misschien dat we wel even haar telefoonlijn mogen gebruiken als ze hoort hoe duur het bij "de buren" is... En inderdaad, als we straks even terug komen mag het...

 

Dus dat doen we, we gaan eerst tanken, updaten daarna de website. We hebben wat problemen met plaatjes (niet het zelfde als de vorige keren...) en zitten ruim een uur in hun kantoortje. Geen probleem hoor, laat straks maar een "gold-coin-donation" achter... dat is alles !

 

Goed, we zijn nu echt klaar in Kununurra. We hebben van Rob en Ger gehoord dat de onverharde weg naar Wyndham leuk is om te doen omdat je dan langs "Parry Lagoons Nature Reserve" komt en er een leuke "rivercrossing" is... de "Ivanhoe Crossing". Het water op de weg over deze rivier staat behoorlijk hoog en stroomt ook nog eens behoorlijk hard... We zetten onze auto vlak voor neer, wachtend op andere auto's. Eerst maar eens zien hoe zij het doen...

 

Er komt een auto van de andere kant, keihard aanscheuren, hij verliest bijna de macht over het stuur, maar dat ligt meer aan z'n belachelijke snelheid dan aan het water denken we. We staan daar nog zo'n drie kwartier. Weten niet of we het nou wel of niet moeten doen. En dan zien we ineens een man met een klein kind over de "crossing" lopen. Hij blijft staan en z'n kind ook... zo erg kan de stroming dus niet zijn.

 

 

Iets later komen er allemaal auto's aan. Er stappen een heleboel mensen met kinderen uit en ze gaan allemaal wandelen, zwemmen en vissen (met of zonder biertje in de hand) op de "crossing". Beetje vreemd is het wel, want aan beide kanten van de rivier staan waarschuwingsborden i.v.m. de "crocs"...

 

 

Goed, als iedereen daar kan staan, dan moet onze stoere auto het toch ook kunnen... en daar gaan we... Rickert achter het stuur, ik ernaast. Dit is best wel eng... allerlei mensen aan de kant en wij er maar tussendoor proberen te rijden...Maar het gaat prima, we zijn vrij snel aan de overkant ! Na de eerste oversteek blijkt er nog een tweede stuk weg onder water te staan. Dit ziet er bijna nog enger uit... Maar ook dit lukt :-) Achteraf vonden we het meevallen, maar toch, het was wel spannend !

 

 

We rijden verder en om een uur of vier zijn we bij Parry Lagoons Nature Reserve. We overnachten hier vannacht op de Parry's Creek Farm. En we zijn de enige kampeerders ! Prachtige plaats, tussen "boabtrees", vlak aan het water !

 

We genieten van het heerlijke koele zwembadwater en kletsen met de eigenaars. Het blijken behoorlijke duizendpoten. Ze hebben een huis in Perth, een "mango-farm" in Broome en een camping/hotel en restaurant hier... Leuke mensen ! Ze hebben vanavond een dinerparty voor een man of tien. Die komen speciaal voor dit etentje uit Kununurra, hier ruim 100 km vandaan ! Het driegangen-menu dat ze gaan maken klinkt heerlijk, we krijgen honger en lopen terug naar de tent. Daar eten we onze eigen simpele (maar erg lekkere) diner... een aardappelwedges met steaks.

 

Ik schrijf het verslag van de afgelopen drie dagen en Rickert begint aan z'n nieuwe boek. Hij heeft z'n oude boek uit en vanochtend omgeruild op de camping.

 

Omdat ik de vogelboeken die ik van de eigenaars had geleend nog terug moet brengen, loop ik even naar de receptie/restaurant. Daar zegt de eigenaar dat er waarschijnlijk een bijeenkomst komt voor de mensen van de dinerparty en dat daar nog een kok voor nodig is, of wij misschien geÔnteresseerd zijn... we moeten morgenochtend maar even langs komen, dan kunnen ze meer vertellen...

 

4 oktober 2003 - Parry Lagoons Nature Reserve - El Questro

 

Om zes uur worden we gewekt door allerlei vogels en de zon. De tent en auto stonden gisteren in de schaduw, maar nu vol in de zon. Het eerste dat we doen nadat we tent zijn uitgekropen is dan ook de auto verplaatsen.

 

Terwijl Rickert een lekker kopje koffie voor zichzelf zet (ik lust geen koffie), komt een van de mannen van het "diner-party"-gezelschap aangelopen. Nu blijkt dat niet de eigenaars van deze camping een kok nodig hebben, maar dat het door deze groep wordt geregeld... Het gaat om een bijeenkomst, voor een man of 70, die volgende week maandag start bij Lake Argyle (het meer waar we met het watervliegtuigje overheen zijn gevlogen). Ze hebben dus nog een kok nodig... of wij dat niet willen doen... Tsja, wel een erg leuke ervaring natuurlijk en wat extra zakgeld, maar ja, dan moeten we ons hier dus wel nog anderhalve week vermaken. We hebben een tijdje geleden besloten niet naar Alice Springs en omgeving te gaan omdat we dan extra tijd zouden hebben voor de rest van Western Australia. We zien het dan ook niet echt zitten om nu die extra tijd hier "te verdoen". We bedanken de man voor het aanbod, maar slaan het dus af.

 

         

 

Na het ontbijt pakken we alles in en doen we het afwasje van gisteravond. We rijden naar de receptie toe en vragen of Bruce (de eigenaar) ons de Python wil laten zien waar hij het gisteren over had. "Natuurlijk... kom maar mee !", zegt hij enthousiast. We pakken onze camera's en lopen achter hem aan naar een mangoboom. Inderdaad, in een holle, afgehakte, tak zit een kleine "Olive Python". Het zelfde soort als de slang die we in het kamp in Cobourg hebben gezien, maar dan veel jonger en dus veel kleiner. Bruce kietelt de slang een beetje zodat hij zich misschien laat zien, maar helaas... We krijgen 'm niet helemaal te zien, hij blijft lekker in de boom zitten.

 

We kletsen nog even met Bruce en z'n vrouw, maken foto's van alle vinkjes die in de boom naast hun keuken zitten en dan is het tijd om weg te gaan. We rijden richting de "Marglu Billabong", een klein watertje waar een heleboel vogels zitten.

 

   

 

Er schijnen in dit gebied wel 180 soorten te zitten en soms wel 20.000 tegelijk... Zoveel zien we er niet, maar desondanks is het heel bijzonder om zoveel verschillende vogels bij elkaar te zien. Jabiru's (zwartnek-ooievaar), Brolga's (soort grijze kraanvogels met rode kop), een ooievaar, allerlei eenden, twee verschillende lepelaars (met zwarte en gele bek), drie soorten vinkjes (o.a. zebravinkjes), Rainbow-bee-eaters, etc... Rickert leeft zich uit met de grote camera, ik doe ook m'n best met de digitale, maar helaas, de meeste vogels zijn te ver weg om goed gefotografeerd te kunnen worden.

 

Na een klein uurtje rijden we richting Wyndham. De slogan van dit plaatsje is "You won't believe it until you see it"... Dan verwacht je toch iets... Helaas, het is echt niets bijzonders. Niet op zaterdagmiddag tenminste, het ziet er allemaal behoorlijk uitgestorven uit. We rijden naar de "Five Rivers Lookout". Vanaf deze heuvel kunnen we dus vijf rivieren zien, de Ord River, Pentecost River, King River, en nog twee waarvan ik de naam kwijt ben... Best leuk, maar we hadden het ook niet heel erg gevonden als we dit hadden moeten missen.

 

We tanken nog even, vreemd genoeg is dat hier goedkoper dan in Kununurra. Op zich is het nog niet nodig hoor (we hebben pas een kilometer of 120 gereden), maar het scheelt ons waarschijnlijk een hoop geld. Tanken langs de Gibb River Road schijnt namelijk heel erg duur te zijn.

 

Vanuit Wyndham rijden we richting "El Questro", het "cattlestation" annex resort waar we vannacht willen kamperen. Onderweg maken we een korte stop bij "The Grotto". Deze kleine "gorge" is gevuld met water en een prima plek om even af te koelen. Tenminste, dat zeggen ze. We lopen via een stuk of 140 treden naar beneden. Het is een heel idyllisch plaatsje, maar om hier in dit groene water te gaan zwemmen lijkt ons niet zo lekker. Goed, geen goede zwemplek dus, maar wel een hele goede vogelspot-plek ! Er zitten een heleboel vinkjes en "Rainbow-bee-eaters". Vooral de prachtig gekleurde "bee-eaters" geven een hele show. Ze vliegen om de beurt richting het water, nemen een kleine dip en vliegen weer weg. Wat ze precies proberen te vangen, weten we niet, maar het is heel leuk om te zien.

 

 

 

In de auto kunnen we gelukkig de airco weer aanzetten, dat is echt nodig nu, het is zo'n 40'C buiten. We rijden nog een stukje over de verharde weg en dan gaan we eindelijk de "Gibb River Road" op. Deze onverharde weg van Wyndham/Kununurra naar Derby is volgens velen (met name AustraliŽrs) een van de slechtste wegen van AustraliŽ. Op zich zitten we daar natuurlijk niet heel erg op te wachten, maar alles dat we langs deze weg kunnen zien, maakt het (hopen wij) de moeite waard.

 

De eerste stop op deze weg is "El Questro". Dit landgoed was vroeger gewoon een "cattlestation" (enorme boerderij), maar doet tegenwoordig vooral dienst als een toeristen-oord. Er is een heus resort, met veel te dure accommodatie. De kamers in de "Homestead" kosten $750,- p.p. per nacht en dat past, ondanks de 10% "travelagent-discount" die ik krijg, niet in ons budget. Gelukkig is er ook een camping voor $12,50 p.p. per nacht.

 

Daarnaast heb je voor het hele gebied een "permit" nodig, ook die kost natuurlijk geld, maarliefst $25,- per week voor ons samen. Een eerste nacht op de camping kost dus $50,- !!! We willen hier twee nachten blijven dus die betalen we meteen. Het meisje achter de balie belt nog even met haar supervisor of het klopt dat ik 10% korting krijg en komt terug met het antwoord... "Ja hoor, je krijgt gewoon korting, dus dat is dan $9,- p.p. in plaats van $12,50 voor zowel de camping als de permit..." Da's dus meer korting dan wij dachten, maar goed, dat is natuurlijk altijd prima ! Ze schrijft onze "permit", schrijft in het boek dat we twee nachten willen blijven en rekent af... $36,- voor ons samen. Terug bij de auto realiseren we ons dat ze nu nog minder heeft afgerekend... Vreemd hoor, ze heeft tenslotte alles opgeschreven. We besluiten niet terug te gaan (ze vragen belachelijke prijzen, dus die paar dollar missen ze vast niet) en van onze extra korting te genieten.

 

We konden kiezen voor een plaatsje op de algemene camping (met douches etc.) of voor een van de "private secluded campsites" aan de rivier. Zo'n privť-plek lijkt ons wel wat. We krijgen een kaartje mee met daarop een overzicht van de plekken. Ons plekje (met als naam "Harrier", een soort vogel) is heel erg ruim. Er is een heleboel schaduw en, niet onbelangrijk, er zijn twee bomen voor onze hangmat !

 

We zetten ons kamp op. Ik typ daarna weer eens even wat voor de website en Rickert doet een vis-poging... eindelijk weer eens... Hij heeft regelmatig de mogelijkheid om te vissen, maar meestal geen zin. Ook nu houdt hij het na ruim een uurtje voor gezien. Zonder vis aan de haak helaas...

 

Na het eten (een kop soep en een lekkere salade) graaft Rickert een kuil, dat is onze w.c. voor de komende dagen...

 

We liggen er weer vroeg in (niet in de wc, maar in onze tent...) want morgen worden we vast weer om een uur of zes wakker !

 

5 oktober 2003 - El Questro

 

Inderdaad, om zes uur zitten we alweer rechtop in de tent. We zijn gewekt door een groepje "Bluewinged Kookaburra's". Deze vogels lachen niet zoals de "Laughing Kookaburra's", maar maken een beetje een schokkerig geluid. Fijn om mee wakker te worden...

 

Na een heerlijk pannenkoeken-ontbijt rijden we richting de "Zebedee Springs". Deze warm waterbronnen bevinden zich een paar kilometer vanaf de camping en horen bij dit "El Questro Wilderness Park". Campinggasten mogen alleen tussen 6 en 12 uur 's ochtends gebruik maken van deze "hotsprings", daarna zijn de tourgroepen aan de beurt. Wij komen er om een uur of negen aan en het is hartstikke druk. Het water van de "springs" vult een stuk of 7 kleine natuurlijke zwembadjes, in elk poeltje zitten mensen... Gelukkig is er toch nog genoeg plaats voor ons. Vooral onder de mini-warmwatervalletjes is het heerlijk !

    

 

Na ongeveer anderhalf uur houden we het voor gezien, we zijn inmiddels bijna opgelost. Terug bij de auto eten we de pannenkoekjes op die over zijn gebleven van ons ontbijt. Daarna rijden we naar de volgende attractie, de "El Questro Gorge". We stoppen onderweg nog even bij "Jackaroo's waterhole", het is niet meer dan wat groenig  water, niet echt lekker om in te zwemmen...

 

Om bij de "Halfway Pool" van de "Gorge" uit te komen, moeten we een wandeling van ongeveer een uur doen. Het pad is eigenlijk geen pad te noemen. We moeten ons een weg banen tussen de stenen en bladeren door. Daarbij moeten we een aantal "creekcrossings" over. Deze oversteekplaatsen bestaan uit (meestal erg wiebelende) rotsjes. Op zich goed te doen, maar vooral voor Rickert wel erg vermoeiend. Zijn slippers zijn vanochtend kapot gegaan en dus moet hij deze wandeling op z'n schoenen doen, iets dat hij vrij lastig vindt.

 

De beloning is gelukkig groot, een heerlijke "pool" om in af te koelen. We kunnen nog een stuk (ongeveer nog een uur lopen) verder naar een hoger gelegen "pool", dit doen wij niet. We zien het niet echt zitten om in totaal vier uur te wandelen over deze rotsen. Na een heerlijke "swim"lopen we terug naar de auto. Een tijdje geleden hebben we een wandeling gedaan in "Butterfly Gorge" (bij Douglas Daly in de buurt), daar zagen we een echter maar stuk of twee vlinders. Hier vliegen er echt tientallen !

 

 

We rijden terug naar de camping, waar we nog een nachtje betalen, we willen morgen namelijk nog de hele dag de tijd hebben om wat "tracks" in dit park te rijden. We bellen ook nog even naar Nederland. Marc, een vriend van ons, is jarig. De afgelopen jaren zitten we steeds in het buitenland als hij jarig is... nu dus weer... leuk om hem wel even te spreken !

 

Wat vliegt zo'n dag toch voorbij, het wordt alweer bijna donker. We rijden terug naar de tent. Om ons heen hoppen de kangaroes, jammer dat we het in het donker niet zo goed kunnen zien.

 

We hebben al dagen zin in een lekkere tapas-maaltijd. We hebben best het een en ander "in huis" dus Rickert maakt heerlijke hapjes klaar... sardientjes, olijfjes, gedroogde tomaatjes, crackertjes, kaas, hmmmmm...

 

Na dit voorafjes hebben we eigenlijk geen honger meer. We maken dan ook geen echte maaltijd meer klaar en kruipen lekker vroeg ons bed in.

 

6 oktober 2003 - El Questro

 

We worden vandaag ongewoon laat wakker, om kwart voor zeven pas...

Ons verse brood is nu al op, dus we ontbijten met crackers. Na het ontbijt rijden we naar de campingwinkel. We ruilen onze flessen met ijs om voor flessen met water, zodat onze "eski" weer koel is. Dit zijn echt van die dingen waar je thuis niet eens over na denkt, maar hier een hele planning voor nodig hebt... het goed houden van verse levensmiddelen. Na deze huishoudelijke actie nemen we een duik in het water vlakbij de winkel. Heerlijk, even afkoelen !

 

Nu is het tijd voor echte actie ! We willen vandaag de "Explosion Gorge Track" doen. Deze 4WD track is ongeveer 20 km lang en heeft een aantal leuke stops onderweg. De eerste echte stop is "Branco's Lookout". We moeten een enorm steil paadje ophoog, we stijgen zo'n 20%... Geen probleem voor "Bika", onze auto... In de beschrijving van de wandeling staat dat het uitzicht, de rit ernaar toe goed maakt en dat is waar. We kijken uit over de "Chamberlain Gorge", de "Cockburn Range" en nog veel meer.

 

 

Nadat we hebben genoten van het prachtige uitzicht, rijden we terug het paadje af en gaan we verder met de track. De volgende stop heet "Explosion Hole". Hier vandaan kun je met een kano of een klein motorbootje de "gorge" verkennen. Zo'n bootje lijkt ons wel leuk, maar om hier nou te gaan kanoŽn... er wordt gewaarschuwd voor "Saltwater Crocs"... de niet vriendelijke krokodil-variant !

 

Iets verder komen we bij "Sandwich Hole". Geen idee waar de naam vandaan komt, misschien dat het heel leuk is om hier je boterhammen op te eten terwijl je naar het water kijkt...

 

Vanaf dit punt zou de track heel zanderig zijn, tenminste, dat staat in onze routebeschrijving. Er wordt zelfs gezegd dat het verstandig is de banden een beetje leeg te laten lopen zodat ze breder worden en dus meer grip hebben in het zand. Dit is een veelgebruikte techniek bij 4WD rijden in het zand, maar we hebben 't tot nu toe nog niet nodig gehad. We doen nu voorlopig dus ook nog niets aan onze bandenspanning,

 

Het begin is echter vooral heel erg rotsachtig. Toch blijkt iets verder waarom er "sandy" bij de omschrijving van dit deel staat... we rijden door hele diepe sporen in het zand. Versnelling in z'n een, niet al te veel gas geven, maar wel door rijden, stuur beetje heen en weer draaien en dan maar hopen dat je niet vast komt te zitten ! Het gaat allemaal prima. Het is wel spannnd hoor, maar onze auto heeft erg veel kracht en Rickert is inmiddels een ervaren 4WD-driver !

 

    

 

    

 

Aan het einde van de track komen we bij twee "waterholes", "The Lower-" en "Upper Split Holes". Best leuk hoor, weer erg mooie rode rotsen, maar we krijgen weinig tijd om ervan te genieten. We parkeren onze auto, lopen iets dichter naar het water toe en dan zie ik ineens een stier met enorme hoorns naar ons kijken. Hij heeft twee kalfjes bij zich en lijkt op ons af te komen. Wij denken maar 1 ding... rennen !!!! Ik weet niet hoe snel ik naar de auto moet sprinten, kijk niet eens meer achterom. Rickert heeft in het zand wat meer moeite met rennen... "Lekker ben jij Moniek... je zit al in de auto terwijl ik hier bijna door m'n enkel ga... Nee hoor schat, als jij maar veilig bent", zegt hij lachend... We maken nog wel een foto, maar durven eigenlijk toch niet meer in de buurt te komen van de stier en z'n kalfjes.

 

De track terug is wat eenvoudiger omdat we de zandheuvels af gaan i.p.v. op. We hebben het overleeft, geen lekke banden, niet vast komen zitten en nog van het uitzicht genoten ook, erg fijn !

 

We rijden ook nog even naar de Chamberlain Gorge. Hier kun je ook tussen de krokodillen door kanoŽn of voor $42,- per persoon een cruise doen, maar dat vinden we een beetje te duur. Het is een mooie "gorge" hoor, maar die hebben we al veel vaker (en mooier) gezien. Deze bekijken we dus alleen vanaf de kant en niet vanaf het water. Op onze routebeschrijving staat dat er ook "Aboriginal Rockart" te zien is. Waar precies is ons niet duidelijk. We kunnen het niet vinden, waarschijnlijk is het alleen per boot bereikbaar.

 

We gaan terug naar de camping. Omdat we door het warme weer 's avonds meestal te moe zijn om een fatsoenlijke maaltijd te maken, doen we dat nu. Rickert maakt een lekkere pasta en ik leef me weer eens uit op een "damper". Deze keer een "Sweet Pumpkin & Graded Nuts Damper" ! Het is een hoop gedoe... pompoen koken, fijn maken en vermengen met alle andere ingrediŽnten, bol van maken, geheel in de "campoven", hete kooltjes onder en op de pan en dan maar wachten... Anderhalf uur later worden we beloond met een heerlijk broodje. Beetje klef, maar toch erg lekker.

 

De rest van de middag en avond doen we weinig. Voordat we gaan slapen, bellen we nog even met Jorrit en Danielle (mijn broer & zijn vrouw). Leuk hoor om steeds te horen hoe het met hen en de ongeboren baby gaat. Wat is het toch jammer dat we het van zo ver mee moeten maken... we zijn zo benieuwd !

 

7 oktober 2003 - El Questro - Home Valley Station

 

Vannacht werd Rickert wakker omdat het begon te regenen. Normaal gesproken ben ik degene die wakker wordt en meteen tot actie over gaat, maar deze keer was het anders... Rickert was hartstikke wakker en wist precies wat er gedaan moest worden, ik daarentegen was hartstikke slaapdronken. Echt waar, ik weet nu pas wat ze daarmee bedoelen. Ik kon de sleutel niet vinden terwijl hij voor me lag, ik wilde m'n bril op doen terwijl ik 'm al op had en terwijl ik de buitentent moest pakken stond ik m'n horloge om te doen... Tsja... je kunt niet altijd "well organised" zijn ;-)

 

Voordat we het El Questro Wilderness Park verlaten, willen we nog  1 wandeling maken. De "Emma Gorge" is hier ongeveer 25 km vandaan, maar hoort ook bij El Questro. We pakken onze tent in, ontbijten even en rijden richting de douches. Heerlijk, om weer even helemaal fris te zijn... Daarna rijden we naar het Emma Gorge Resort. Hier vandaan start de ca. 1,6 km lange wandeling naar een "pool" met waterval.

 

Het eerste stuk van de wandeling lopen we over zand en kleine rotsjes. Op een heleboel rotsen zijn ribbeltjes te zien. De rotsen zijn vroeger onderdeel van de zeebodem geweest...

 

         

 

         

 

Later wordt het pad een stuk ruiger en dus moeilijker. We moeten omhoog klauteren over grote rotsen, door water/modder baggeren en over glibberige stenen klimmen. De begroeiing rond het pad verandert compleet, van "Savannah Woodland" (palmen etc.) naar "Kimberley Rainforest" (varens etc.). Er is een hoop schaduw en dus wordt de temperatuur een stuk aangenamer. Na ruim een uur wandelen, klauteren en klimmen, worden we beloond met een heel mooi stukje natuur... Een grote pool met koud water, omringd door enorme "cliffs" waar vanaf een warme mini-waterval in een klein pooltje stroomt... zo moet de hemel er ongeveer uit zien :-)

 

    

 

We vermaken ons bijna twee uur rondom het water en dan moeten we echt gaan, op naar de volgende overnachtingplaats. We willen vannacht bij "Jack's Waterhole" kamperen, een "homestead" met camping hier zo'n 100 km vandaan. De "scenery" langs de weg is echt prachtig. De late middagzon schijnt op de "Cockburn Ranges" waardoor ze nog mooier lijken !

 

 

Na een kilometer of vijfentwintig moeten we een de Pentecost River over. Het water stroom niet over de weg heen, de "crossing" is dus een eitje. Net na de rivier staat een bord met "Jack's Waterhole Closed, next facilities at Home Valley 9 km"... Okť, dat verandert ons plan een beetje... we besluiten een kijkje te nemen bij dit "Home Valley Station" en dat is maar goed ook...

 

 

We worden begroet door een heel aardig stel, Ann en Andy. We betalen onze kampeerplaats en krijgen als tip dat 2 km verdrop een mooie "lookout" is om de "sunset" te bekijken. Ze vertellen dat "Jack's Waterhole" gerund werd door Andy's ouders maar vorig jaar februari is weggespoeld door een "Flash Flood", snel stijgend water dus. Alles is weggespoeld... de "homestead", de camping, er is echt niks meer van over. Hartstikke zonde, want op de foto's die we te zien krijgen, ziet het er prachtig uit. Andy's ouders (Duitse vader, Nederlandse moeder) wonen nu ook hier.

 

Terwijl we de tent opzetten, wordt de lucht steeds donkerder. Goed, de buitentent moet er dus over vannacht... Niet veel later barst het los, een enorme "thunderstorm". De regen komt werkelijk met bakken uit de lucht vallen en ondertussen onweert het hevig. Onze koepeltent heeft inmiddels een hele vreemde vorm gekregen en we vragen ons dus af of alles droog blijft binnenin. Er is weinig dat we nu kunnen doen, dus we wachten rustig af. We lopen naar het overkapte terras dat ze hier hebben, zitten we tenminste een beetje droog. Niet dus... het waait zo hard dat de regen gewoon onder de overkoepeling doorgeblazen wordt.

 

Niet veel later worden we door Ann en Andy uitgenodigd om binnen te komen zitten. En daar zitten we dan, samen met de andere 6 gasten om een enorme houten tafel. Ann stelt voor dat ze voor ons allemaal lasagne maakt, we hoeven niks te betalen... ze vraagt of iedereen dat een goed plan vindt... Natuurlijk, dat is geweldig ! We zijn weliswaar de enigen die in een tent slapen (de anderen slapen in een soort motelkamers) maar iedereen is wel in voor een "home made meal" natuurlijk !

 

We kletsen met de anderen, die de Gibb River Road allemaal vanaf de andere kant doen en ons dus tips kunnen geven. Het is een apart stel mensen bij elkaar... John en Donna (rond de 50, hij Nieuw Zeelander, zij Aussie), een stel uit Mandurah (in de buurt van Perth) met hun tweejarig dochtertje, twee mannen (rond de 35 schatten we) uit Melbourne, de managers (Ann & Andy met hun kinderen Brody, 5 jaar, en Jack, 2 jaar) en dan wij dus met z'n tweetjes. Allemaal mensen waar we normaal gesproken misschien niet zo snel mee rond een tafel zouden gaan zitten, maar waar we het nu eigenlijk heel gezellig mee hebben !

 

Na het eten (heerlijke lasagne met drie soorten verse groente en patatjes) zitten we nog een hele tijd te kletsen. We krijgen nog even bezoek van de huis-Python "Charlie". Hij kruipt langs het hek omhoog en lijkt zich niet aan ons te storen. Ondertussen wordt de regen wel minder, maar droog wordt het niet. Andy stelt voor dat we onze tent onder een afdakje zetten, dan waaien we niet weg tenminste. Goed plan. We halen de haringen uit de grond, pakken allemaal (we krijgen hulp van Ann en Andy) een punt en dragen de tent naar binnen. Ondertussen is gebleken dat onze matras en kussens echt drijfnat zijn geworden. Shit, dat wordt slapen op onze hele dunne foam-matjes...

 

Nee hoor, ook hier hebben de gastvrouw en -man een oplossing voor... Iets later liggen we op een tweepersoons matras, met droog hoeslaken in onze tent... Wauw, als dit geen gastvrijheid is :-)

 

8 oktober 2003 - Home Valley Station

 

We hebben heerlijk geslapen vannacht. Het matras was heerlijk droog en breed... ons eigen matras is maar 85 cm breed. Ik slaap daar meestal op, terwijl Rickert op twee foam-matjes ligt. Dit was dus erg luxe voor ons ! Er hangt hier echt een super relaxte sfeer, zo lekker dat we besluiten nog een dagje hier te blijven.

 

Andy gaat naar Kununurra vandaag en vraagt of wij nog wat nodig hebben, dan kan hij dat voor ons meebrengen. Ik zeg voor de gein dat hij wel wat "cash" mag meenemen. (We hebben namelijk minder cash bij ons dan we dachten en dat is niet zo slim hier, je kunt hier namelijk nauwelijks met pasjes betalen.) Hij zegt dat we 'm wel een pistool kunnen meegeven, dan berooft ie even een bank voor ons... We bedenken een iets minder agressieve oplossing... we geven hem ons pinpasje mee en hij gaat voor ons pinnen. Klinkt een beetje "risky" natuurlijk, maar wij hebben er alle vertrouwen in. Deze mensen zijn zo aardig en gastvrij... dat gaat wel goed !

 

De rest van de dag vermaken we ons met het schrijven van ons website-verslag , het lezen van een boek, het maken van foto's (van o.a. allerlei verschillende vinkjes die hier vliegen) etc.

 

9 oktober 2003 - Home Valley Station

 

We waren van plan om vandaag hier echt weg te gaan, maar omdat het hier zo relaxed is en we zo goed kunnen opschieten met Ann en Andy, blijven we nog een derde nachtje.

 

We krijgen toast met jam als ontbijt. We hoeven niets te betalen.  Andy heeft Rickert gevraagd of hij vanochtend even mee gaat vissen bij de Pentecost River, de rivier hier vlakbij. Rickert heeft daar natuurlijk wel zin in en dus gaat hij mee. Hij mag een hengel van Andy gebruiken. Al vrij snel heeft hij drie "catfish" (meervallen ?!) gevangen. Leuk hoor, maar niet erg lekker om te eten en dus worden ze weer terug gegooid.

 

Ik vermaak me ondertussen met het schrijven van wat emails. We mogen vanavond namelijk even inbellen, dus het is wel leuk als we dan wat te versturen hebben. Ondertussen kletsen Ann en ik wat af. Grappig om te merken dat we een heel ander leven hebben, maar toch een heleboel gemeen hebben.

 

Als dank voor hun gastvrijheid, kookt Rickert vanavond voor ons allemaal. "Threadfin Salmon" (uit de vriezer... ooit door Andy gevangen) met aardappelpuree en gebakken pompoen. Alleen de vijfjarige Brody vindt het niet zo lekker. Jack (2 jaar) daarentegen eet z'n vingers er bijna bij op.

 

Na het eten vermaakt Jack zich met ons digitale cameraatje. Hij vindt het hartstikke leuk om foto's van zichzelf te maken en die daarna op het schermpje te kunnen bekijken. Ik hou de camera vast (hij is wel erg slim, maar tenslotte pas twee jaar) en hij drukt het knopje in. Een half uur later heeft hij zo'n 25 close up-foto's gemaakt...

 

Na het eten gaan Andy en Rickert weer vissen. Ik log ondertussen in met onze laptop. Heerlijk om hier weer eens even de tijd te hebben om niet alleen mail op te halen en te versturen, maar ook wat dingetjes op internet op te kunnen zoeken. Dat is wel luxe hoor, dat dat thuis eigenlijk altijd kan. Als we terug komen in Nederland hebben we ADSL-internet... da's helemaal ideaal !

 

Na het internetten vraagt Ann of ik binnen wil komen zitten. Ze hebben een soort hele grote bouwkeet (met een aantal kamers) waar ze met z'n vieren in wonen. We kletsen weer heel wat af. Om een uur of half elf komen de mannen weer thuis. En deze keer hebben ze meer geluk gehad... Terwijl ze met een net "live bait" (kleine visjes om als aas te gebruiken voor het vangen van grotere vissen) wilden vangen, haalden ze een Barramundi uit het water. Hmmm, die gaan we binnenkort opeten !

 

Voordat we gaan slapen bekijken we samen met Andy en Ann een video van het "wet-season" van vorig jaar. Ongelooflijk dat de Pentecost River, dan zo hoog staat. Het hele leven draait dan om "The Pentecost"... als ie te hoog staat kun je niet naar de stad (Kununurra) etc... Leuk om te zien hoe het er hier dan uit ziet.

 

10 oktober 2003 - Home Valley Station

 

Vandaag is een echte relax dag (alsof we de andere dagen hier zoveel gedaan hebben...) 's ochtends help ik Ann even met de dagelijkse taken. Ik hark het pad schoon. Een beetje onbegonnen werk is het wel (want de wind blaast weer net zo hard nieuwe bladeren uit de boom) maar goed, het ziet er weer even netjes uit.

 

    

 

's Middags komt de "mail-plane" de post brengen. Zo gaat dat hier in de Australische Outback. Elk "station" heeft een postbus in een stad. Vanuit die stad vertrekt een keer per week een vliegtuigje om de post af te leveren. Hier is vrijdag de postdag. Samen met Andy en de kids rijden we naar de "airstrip", de landingsbaan dus. Jack zit op m'n arm en lijkt weinig interesse te hebben in het vliegtuigje. Eenmaal terug bij de "homestead" (huis) wordt dat wel anders. Er blijkt een heel pakket van opa en oma te zijn... allemaal kadootjes, voor iedereen is er wat... wat een feest !

 

's Middags komen de andere opa en oma thuis. De ouders van Andy wonen ook op dit "station". Zijn Duitse vader en Nederlandse moeder zijn zo'n 30 jaar geleden in AustraliŽ aangekomen en lijken zich hier prima thuis te voelen.

 

Na het eten speelt Rickert nog even met de kids en hun nieuwe speelgoed, daarna gaan we naar bed.

 

11 oktober 2003 - Home Valley Station - Manning Gorge

 

Vandaag gaan we echt weg hier... het was hartstikke gezellig, maar we "moeten" weer door ! We pakken alles in en lopen naar het huis/de winkel van Ann en Andy. Wat blijkt... ze zijn gisteravond spontaan meegegaan met de mensen die op bezoek waren. Ze hebben voor ons een envelop achter gelaten met daarin een briefje. Ze schrijven dat ze het jammer vinden dat ze ons niet meer gedag hebben kunnen zeggen en bedanken ons voor de gezelligheid en onze hulp. "Keep in touch", staat onderaan. Inderdaad jammer dat we nu geen afscheid meer van ze kunnen nemen en dat contact houden doen we zeker !

 

We vullen onze (diesel)tank nog even met onze reservevoorraad die we in de auto hebben. Op zich halen we het zonder ook wel tot de volgende pomp, maar dit scheelt ons erg veel geld. De diesel uit de tankjes kostte namelijk $ 1,03 per liter en in Mt Barnett (de volgende pomp) waarschijnlijk rond de $ 1,45 !

 

Vandaag moeten we een behoorlijk stuk rijden, zo'n 275 km. We hebben de meest verschrikkelijke verhalen gehoord over de Gibb River Road... je krijgt gegarandeerd een (paar) lekke band(en), je wordt gek van alle "corrugation" (hobbeltjes in de weg), je mag blij zijn als er niks van je auto afbreekt etc. Nou hebben we al wel vaker zulke verhalen gehoord en meestal bleken die later absoluut niet te kloppen. Ook nu gaan we het dus gewoon proberen, we zien wel...

 

We waren eerst van plan om ook naar de Mitchell Falls (in het noorden van de Kimberley) te rijden. We hebben echter al van heel veel mensen gehoord dat er geen water meer stroomt, dus dat plan is gewijzigd...

 

We willen vandaag overnachten op de gratis kampeerplaats bij de Barnett River Gorge. Daar aangekomen blijkt de rivier (waar we min of meer voor kwamen)  helemaal droog te staan. Daarbij is er nauwelijks schaduw. We besluiten door te rijden naar Mt Barnett Roadhouse. Hier vandaan kunnen we naar de Manning Gorge, de volgende Gorge die op onze "to-be-seen-list"  staat.

 

Bij aankomst bij het Roadhouse zien we dat er een aantal mensen buiten zit te wachten. Het Roadhouse blijkt tussen 12 en 2 gesloten te zijn. Gelukkig is het nu kwart voor 2 en hoeven we dus maar even te wachten. We tanken en betalen voor een nachtje op de camping bij de Manning Gorge. $20,- voor ons samen. Dat valt op zich wel mee, maar is voor deze camping is het wel erg veel. Er zijn alleen "pit-toilets" (wc-pot is aangesloten op gat in de grond) en verder dus niets...

 

Nadat we de tent hebben opgezet en de hangmat hebben opgehangen, lunchen we. Rickert heeft een heerlijk omelet gebakken. Crackers erbij... hmmm !

 

Tijd voor een wandelingetje. We doen onze zwemspullen aan en lopen naar de Lower Manning Gorge. In deze plas water koelen we even heerlijk af. Hier vandaan is het mogelijk om naar de (op dit moment droge) Manning Falls te lopen, dat gaan we morgen doen.

 

Vandaag is het eindelijk zover....zelfgevangen Barramundi op het menu !!! De vis die Rickert twee dagen geleden met Andy heeft gevangen, ligt nu gebakken op onze bordje, echt heerlijk vers !

 

Om een uur of negen liggen we in onze tent.

 

12 oktober 2003 - Manning Gorge

 

Om zes uur worden we wakker. We hebben goed geslapen, omdat het lekker koel was vannacht. Ook nu (ongeveer een uur na zonsopkomst) nog is het heerlijk koel. Onze thermometer geeft aan dat het 14,9 'C is... erg ongebruikelijk voor oktober in dit deel van AustraliŽ.

 

We pakken alles in, ontbijten op ons gemakje en rijden om een uur of tien naar de parkeerplaats voor de start van de wandeling naar de waterloze "Manning Falls". Ik duik eerst nog even het water in, zodat ik fris aan de "walk" kan beginnen. Aan een boom hangt een touw met daaraan een stok. Gistermiddag waren er drie meiden die het touw gebruikten om het water in te springen... Natuurlijk moet ik dat ook even proberen... Het is best een beetje eng, maar ook wel erg komisch.

Goed, ik ben weer fris, de wandeling kan beginnen !

 

Op het infobord aan het begin staat dat je anderhalf uur over de "return-walk" doet, op de folder staat dat je er drie uur over doet en in de Lonely Planet staat dat het een uur heen en een uur terug is. Erg duidelijk dus...

 

Over duidelijk gesproken... het pad wordt aangegeven met blikjes in de bomen, hier en daar een lintje en stapeltjes stenen. Klinkt op zich wel goed, maar de afstand tussen de verschillende blikjes/lintjes en stapeltjes is soms zo groot dat we een paar keer min of meer de weg kwijt zijn. Het pad is behoorlijk rotsachtig en er is weinig schaduw. We hadden de wandeling toch vroeger moeten doen, nu is het al behoorlijk warm.

 

Na ruim een uur komen we bij de "upper pool" aan, hier koelen we lekker af. Aan de rechterkant van dit water zijn de rotsen te zien waar normaal gesproken de waterval over heen stroomt. Nu (aan het eind van het droge seizoen) staat het helemaal droog. We klimmen er bovenop, wauw, wat een uitzicht, we kunnen nu de hele "gorge" zien. Overal prachtige rotsen, super helder water en hier en daar een stukje zandstrand. Prachtig.

 

Ik ben zo mutsig geweest om niet m'n gympen, maar m'n slippers aan te doen voor deze wandeling. Dat leek me handig, omdat we voor en na de wandeling in het water liggen. Het blijkt echter helemaal niet prettig te lopen. Ze zitten zo los dat ik nauwelijks grip heb op de rotsen... ik glijd twee keer uit en stoot een keer keihard m'n hoofd terwijl ik ergens op wil klimmen. Dat gaat lekker !

 

Om een uur of half drie zijn we weer beneden. We hebben aan het eind lekker lui gedaan, beetje gezwommen en beetje rondgelopen. Over de wandeling terug doen we wat langer dan over de "heenreis". We zijn allebei hartstikke moe. Waarvan weten we zelf eigenlijk ook niet, maar het zal zeker te maken hebben met onze rommelende buikjes... we hebben inmiddels behoorlijke honger gekregen !

 

    

 

Terug bij de auto nemen we weer een duik in het water. Ook Rickert swingt nu het water in. We waren van plan om vandaag door te rijden naar "Beverley Springs" of "Old Mornington Camp". Het wordt echter al over een uurtje of drie donker en we zijn dus bang dat het ons niet lukt voor het donker aan te komen. We besluiten nog maar een nachtje hier te blijven... gaan we morgenochtend heel vroeg weg en hebben we de hele dag om onze volgende overnachtingplaats te bereiken.

 

En daar gaan we dus weer... tent opgezet, hangmatje weer aan de boom, tafeltje met stoeltjes ernaast... ons kamp is weer klaar.

 

13 oktober 2003 - Manning Gorge - Old Mornington

 

Om zes uur wakker, om zeven uur alles ingepakt en weg. Ik neem nog even een kleine duik in het water, je moet wat als er geen douches zijn...

 

We moeten eigenlijk nog een nacht betalen, maar hebben besloten dat niet te doen. We betalen met z'n tweeŽn twintig dollar voor een camping met alleen maar drop-toilets. Er is geen toiletpapier en de douches zijn gesloten omdat het laagseizoen is. Kortom, we betalen de volle (hoogseizoen) prijs maar krijgen maar de helft van de service. Beetje vreemd vinden wij en dus betalen we maar 1 nacht. Niet dat dat heel moeilijk is hoor. Het "roadhouse" gaat pas om 10 uur open en wij zijn om half acht al weg... we hadden dus nog een paar uur moeten wachten om te mogen betalen... we vinden het wel goed zo.

 

We willen ontbijten bij Galvan's Gorge, een "gorge" hier zo'n 14 km vandaan. Op een gegeven moment zien we een bordje met daarop een fototoestel ("lookout") staan. We nemen aan dat dit het niet is... bij de "gorge" moeten we ook een kleine wandeling kunnen doen en hier zien we geen pad. We rijden dus door. Een paar kilometer verder vermoeden we dat er toch bij dat lookout-bord ergens een pad had moeten zijn... we hebben geen zin om terug te rijden. We komen nog een heleboel "gorges" tegen, eentje minder overleven we vast.

 

Onze overnachtingplaats voor vandaag wordt "Old Mornington Wilderness Camp". Dit kamp wordt beheerd door de "Australian Wildlife Conservancy" (AWC). Zij kopen en beheren stukken land om ervoor te zorgen dat bepaalde dieren niet uitsterven. In dit gebied zijn bijvoorbeeld nog maar zo'n 375 "Gouldian Finches" (felgekleurde vinkjes) en dat is zo'n 15% van het totaal aantal "Gouldian Finches" dat in AustraliŽ leeft.

 

Vandaag doen we het rustig aan, we doen alleen de "Selfguided Sir Johns Gorge Drive". Deze 4WD track is zo'n 14 km lang en komt uit bij de (wat een toeval) prachtige "Sir Johns Gorge". De rit is mooi, het landschap wisselt regelmatig. De weg is iets minder mooi. Hier en daar liggen er verschrikkelijke grote en/of scherpe rotsen. Gelukkig komen we ook hier weer zonder lekke banden vanaf. We hebben ons door een heleboel mensen laten voorlichten over welke bandenspanning geschikt is voor een rotsachtige weg. Sommigen zeggen dat je nooit je banden zachter moet laten worden omdat de zijkant dan heel kwetsbaar wordt en scherpe rotsen dus makkelijk de banden kunnen lek prikken. Anderen zweren bij zachte banden omdat ze dan zo goed over de rotsen rollen... Tsja, voor beide theorieŽn valt wat te zeggen. Wij hebben al ruim drie maanden iets er tussenin, niet zacht, maar ook niet heel hard en tot nu toe (even afkloppen) nog geen lekke banden gehad... Voorlopig laten we onze banden dus lekker zoals ze zijn onder het mom "never change a winning team"...

 

 

Terug op de camping relaxen we in onze "draagbare bank", zo noemde Rickert onze hangmat vandaag. Heerlijk, voetjes van de vloer, even helemaal ontspannen.

 

We liggen er weer vroeg in... het is hier niet zo koel als bij Manning Gorge, maar gelukkig wel koel genoeg om goed te kunnen slapen.

 

14 oktober 2003 - Old Mornington

 

We worden om een uur of zes wakker, zitten om zeven uur aan het ontbijt en beginnen nog voor acht uur aan onze "Selfdrive Tour" van vandaag. We gaan naar de Dimond Gorge. Het uitzicht tijdens de rit (24 km) er naar toe is mooi, maar de weg zelf is hier en daar weer erg slecht. Onderweg kunnen we de "Gouldian Finches" zien... tenminste, dat staat in onze routebeschrijving. Helaas is er nu (aan het eind van het droge seizoen) bijna geen water te vinden. Kreekjes en riviertjes staan allemaal droog en de vinkjes hebben hier dus niks te zoeken. Wel zien we ezels, koeien en een aantal "Antilopine Wallaroos", deze grote Wallabies staan heel recht op hun poten, beetje een gek gezicht.

 

Gelukkig is er in de "Gorge" nog wel water te vinden... hier gaan we namelijk kanoŽn ! Van te voren hebben we gevraagd of de kano's een beetje stabiel zijn, omdat we op Lake Kununurra zo'n verschrikkelijke wiebel-kano kregen... Deze moet beter zijn volgens een van de medewerkers en hij heeft gelijk. We nemen de camera's deze keer dan ook wel mee. We doen ze in een vuilniszak, in een kleine koelbox. Die koelbox doen we weer in een andere vuilniszak. Mochten we uit de kano vallen... de camera's blijven in elk geval droog !

 

We zijn op dit moment de enigen in de "Gorge". Heerlijk rustig is het nog. We zien allerlei vogels, o.a. een pelikaan. Ook zien we een kleine schildpad... hij steekt z'n kopje nieuwsgierig boven het water uit. We peddelen naar het einde van de "gorge" (ca. 2 km) en eten onderweg onze lunch, bestaande uit crackertjes, op.

 

     

 

 

Het uitzicht is weer heel erg mooi. We hebben al eerder gekanood in Lawn Hill National park en in Katherine Gorge. Daar leken de rotswanden vaak uit een stuk te bestaan. Hier is dat anders. De rotsplaten lijken het water in te glijden.

 

 

Als we bijna terug zijn bij onze aanmeerplaats, leggen we de kano even stil. Tegen de rotsen aan hebben zwaluwen hun nestjes gemaakt. Het lijken allemaal kleine van klei gemaakte kruikjes. Hartstikke leuk om te zien hoe de vogeltjes af en aan vliegen. Met de digitale camera lukt het niet om een foto te maken op het moment dat een zwaluwtje net naar binnen of buiten komt. Met onze grote camera is dat (als het goed is) wel gelukt.

 

We leggen de kano terug en pakken al onze spullen. Rickert's slipper is onderweg stuk gegaan. Erg lastig, want hij kan absoluut niet op blote voeten lopen. Het lijkt ons daarom het handigst als hij een deel terug zwemt, met een aantal van onze spullen dus... Zo gezegd, zo gedaan. Rickert neemt de peddels en de reddingsvesten, ik til onze eski's, de overgebleven crackers, onze kleding etc. We zijn blij als we bij de auto aankomen.

 

Na ongeveer een uur zijn we terug bij de camping. Daar leveren we onze peddels en "lifejackets" in en zoeken we op welke vogels we gezien hebben. We hebben namelijk een "birdlist" meegekregen om aan te strepen welke vogels we allemaal gezien hebben. De meeste namen kennen we wel, maar over een aantal twijfelen we... "was het nou een little heron of een great heron ?!"...

 

We raken in gesprek met Simone, zij runt sinds een maand of vier  samen met haar vrien/man dit kamp. Ze is gids geweest in o.a. Arnhemland en blijkt Joel, onze "Cobourg & Arnhemland"-gids te kennen... klein wereldje...

 

Ze vraagt of we een verrekijker bij ons hebben (niet dus) omdat we dan morgenochtend een mooi wandelingetje kunnen doen. Ze geeft ons een tip over een plas water hier ca. 3 km vandaan waar vooral 's ochtends heel vroeg allerlei vogels komen. Misschien zelfs de zeldzame "Gouldian Finch"... Terwijl ze ons dit vertelt ziet ze ineens een paar vinkjes op het gras iets verderop zitten. Ze zegt dat een ervan lijkt op een jonge "Gouldian"... verrekijker erbij... Shit, ze vliegen weg. Ik zie dat ze in een boom gaan zitten en kijk met de verrekijker of ik kan zien wat het voor vinkjes zijn... En ja hoor, zwart kopje, geel borstje... dat moet een "Goudian Finch" zijn !!! Voordat de anderen kunnen kijken vliegt hij alweer weg, maar echt, ik weet het bijna zeker... dit was er een !

 

Terug bij de tent zien we ook nog een "Sacred Kingfisher" en een "Purple Crowned Fairy Wren", twee prachtige vogels waarvan we de Nederlandse namen helaas niet weten.

 

Vanavond liggen we weer erg vroeg in bed, om negen uur vinden we het wel mooi geweest...

 

15 oktober 2003 - Old Mornington - Bell Gorge

 

Om een uur of half tien gisteravond werden we weer wakker, onze buren vonden het nodig om heel hard "Slim Dusty" te draaien. Voor iedereen die het niet weet... deze Slim is een AustraliŽr die al meer dan 100 CD's met Country heeft uitgebracht. Op zich past deze muziek wel bij de omgeving, maar niet als wij (en alle anderen op de camping) liggen te slapen ! We proberen eerst te roepen vanuit de tent, maar dat heeft geen succes. Okť, ik doe m'n bril weer op, schoenen aan en loop naar hen toe... Ik vraag hen netjes of ze de muziek uit of in elk geval een stuk zachter willen zetten. Ze doen het meteen, maar zijn geloof ik behoorlijk geÔrriteerd  dat ik het kom vragen. Jammer dan... we kunnen in elk geval weer slapen.

 

Vanochtend komt een van hen (een Nederlandse vrouw) haar excuus maken voor gisteravond... ze dachten niet dat wij het zouden kunnen horen... Tsja... wat zeg je dan...

 

We hebben van Simone (zij runt het kamp) de tip gekregen om vanochtend een kijkje te nemen bij "Officer Springs". Deze kleine "pool" met daarom heen een soort klein amfitheater werd vroeger heel veel gebruikt om vogels te spotten, maar is nu min of meer afgesloten omdat de drukte de vogels heeft weggejaagd. Nu is er al een tijdje niemand geweest en dus mogen we, als we zachtjes doen, gaan kijken. Ze heeft ons aangeraden om half zes te gaan, dat lukt ons niet, maar om half zeven zitten we (ik nog in pyjama) op een rots naar de bomen en het water te staren. In het begin is er geen vogel te zien, maar dan ineens is het raak. Overal vandaan komen vogels. Een heleboel "Spinifex Pigeons" (mooie bruinige kuifduiven) en een aantal vinkjes. Deze keer geen "Goudian Finches", maar wel Zebravinkjes en "Longtail Finches". We hebben een verrekijker mee gekregen. Normaal gesporken kunnen wij daar allebei niet zo goed mee omgaan (we worden er een beetje scheel van), maar deze is echt super. De mini-vinkjes worden ineens heel groot, leuk om ze zo goed te kunnen bekijken.

 

Terug op de camping pakken we onze spullen in en brengen we de verrekijker terug. Toen we hier aankwamen hebben we gevraagd of we een aantal flessen gevuld met water in de vriezer mochten leggen. Dat was geen probleem en dus hebben we nu weer een koude koelbox, koude colaatjes, harde kaas (i.p.v. een zacht vet stuk kaas), etc... Simone vertelt ons nog dat het mogelijk is om naar Moll Gorge te gaan, deze "gorge" is eigendom van de vrouw die Mt House beheert, een "property" hier in de buurt. Het kost $50,- om naar de "gorge" te gaan, die we dan voor onszelf hebben en we kunnen er dan zo lang blijven als we maar willen... Klinkt erg aantrekkelijk, maar we willen eigenlijk niet al te veel dagen meer rondom de "Gibb" blijven.  Niet dat het hier niet mooi is, in tegendeel, maar we willen nog zoveel zien !

En om nou maar een nachtje te blijven, da's ook een beetje zonde van het geld. We besluiten het dus niet te doen.

 

We rijden richting Imintji. In deze Aboriginal Community kunnen we tanken voordat we naar Bell Gorge gaan. We komen om kwart over twaalf bij het pompstation aan. De pomp werkt niet, dus we nemen aan dat we eerst moeten betalen (dat komt wel vaker voor) en lopen naar het winkeltje. Er hangt een briefje op de deur... "Van 12 tot 2 zijn we gesloten"... Nee hŤ... we moeten dus nog bijna twee uur wachten voordat we kunnen tanken terwijl er echt niks te beleven is hier... Toch best vreemd dat zo'n "roadhouse" op het drukste moment van de dag gewoon twee uur dicht is. We vullen de tijd met het eten van een lunchje, het knippen van onze nagels (niet tegelijkertijd !), het maken van een boodschappenlijstje en voor we het weten is het kwart voor twee.

 

Waarschijnlijk omdat er ondertussen nog een aantal auto's zijn bij gekomen, doen twee medewerksters nu "al" de deur open. We vullen onze tank en doen een paar boodschapjes. Daarna rijden we door naar Bell Gorge. De weg naar de "campground" schijnt echt verschrikkelijk te zijn (waar hebben we dat meer gehoord...), maar valt best mee. Inderdaad, erg rotsachtig, hier en daar behoorlijk veel "corrugation", maar goed te doen als je geen 100 km/uur probeert te rijden.

 

Omdat we bij Imintji bijna twee uur hebben zitten wachten komen we pas tegen drieŽn bij de Silent Grove camping aan. Helaas zijn de privť -campsites langs Bell Creek gesloten, dus we zetten hier de tent op. Hangmat ernaast en daar gaan we weer... op naar de Bell Gorge Falls. Bij de parkeerplaats staat een boab-boom. In de bast van de boom is ooit een bel ge"carved". Grappig om te zien dat de bast verder is gegroeid.

 

De wandeling naar de waterval is maar 1 km (one way), dus dat moet nog kunnen voordat het donker wordt. Het pad is behoorlijk lastig. Rickert heeft hier en daar erg veel moeite met de rottige rotsjes waar we overheen moeten klimmen en klauteren. Maar het lukt... na ruim een half uur komen we aan bij de waterval. We hebben van twee Duitse mensen gehoord dat we hier kunnen zwemmen als we naar de andere kant van de waterval lopen. Het is een beetje lastig om te beschrijven, maar we moeten over de rotsen (waartussen de waterval stroomt) naar boven lopen en vanaf de top aan de andere kant weer naar beneden lopen. Een hele klim, maar ook dit lukt... we kunnen heerlijk afkoelen in een ondiep deel van het water. We hebben gezien dat we ook in de grote "pool" kunnen zwemmen, maar weten nu niet zo goed hoe we daar kunnen komen.

 

Omdat we nu niet erg veel tijd hebben besloten hier morgenochtend om hier te blijven, hebben we besloten hier morgenochtend weer heen te wandelen. Dan is het licht ook veel beter en kunnen we wat mooie foto's maken. Op weg naar de auto zien we twee "rock-wallabies", we weten niet zeker welk soort, maar we denken dat het "yellow footed rock wallabies" waren. Best bijzonder, want die zijn redelijk zeldzaam.

 

Terug op de camping zien we dat de Duitsers die we al een paar keer eerder hebben ontmoet, nu naast ons staan. We raken in gesprek en nu blijkt dat ze ook naar Nieuw Zeeland gaan. Na het eten geven we hen tips en kletsen we over van alles en nog wat. Ze zijn allebei leraar en waarschijnlijk ergens rond de 45, leuke mensen.

 

Als we net in de tent liggen begint het te waaien... heerlijk, dat wordt weer een koele nacht !

 

16 oktober 2003 - Bell Gorge - Windjana Gorge

 

De nacht was inderdaad lekker koel, maar voor Rickert ook erg onrustig. Hij werd steeds wakker omdat hij dacht dat het ging regenen... Gelukkig is dat niet gebeurd.

 

Zoals gepland, rijden we (nadat we alles hebben ingepakt) weer naar het startpunt van de wandeling. Het is kwart voor acht. Op weg naar de "falls"  komen we twee stellen tegen... wauw, die zijn wel heel vroeg gaan wandelen ! Deze keer lopen we naar de eerste (grote) "pool". We hebben de "gorge" het eerste uur helemaal voor onszelf. Nou ja, we zijn niet helemaal alleen... een "goanna" houdt ons gezelschap. Hij ligt eerst lekker rustig op een rotsje verderop, maar vindt het daarna nodig om bij ons te komen zwemmen... Dat vinden wij niet zo'n goed idee en dus zitten we binnen een paar seconden veilig op de rotsen... Wat zijn we toch een watjes !

 

 

Desondanks genieten we van deze prachtige "gorge". In heel veel boeken staat dat dit de mooiste "gorge" is in de hele Kimberley, of we het daar mee eens zijn, weten we niet (er zijn nog zoveel andere hele mooie "gorges"), maar het is hier inderdaad schitterend !

 

 

Na de wandeling rijden we richting Windjana Gorge. We rijden door de King Leopold en Napier Ranges. Prachtig uitzicht en een goede weg, hier en daar zelfs een paar meter asfalt. Het laatste (meest saaie) stuk van de Gibb River Road zullen we niet rijden. Omdat we ook nog naar Tunnel Creek willen is het handiger is om via de verharde weg naar Broome te rijden. Dus we kunnen nu zeggen... "We survived the Gibb"... en dat zonder lekke band(en) !!!

 

 

Windjana Gorge is een van de bekendste "gorges" omdat je er vanaf de verharde snelweg ook vrij makkelijk kunt komen, maar vandaag is de camping erg leeg, er staat pas een andere auto... die van het Duitse stel waar we gisteravond hebben zitten praten. Gezellig.

 

 

 

We zetten de tent op, lunchen en relaxen even en beginnen daarna aan de tweede wandeling van vandaag. De 3,5 km lange wandeling (one way) wordt aangegeven als "easy" en begint vlakbij de camping. We moeten tussen de rotsen door lopen en komen uit in een "gorge" met hele hoge rotswanden. Er tussenin is water. We hebben gelezen dat hier heel veel "freshies" (zoetwater krokodillen) zijn, we zijn benieuwd... En inderdaad... iets verder liggen wel 20 crocs, kleine, grote, echt een heleboel...

 

 

Het blijven aparte dieren. Ze lijken heel gevaarlijk maar doen (meestal) niets. We maken een heleboel foto's. Helaas hebben we geen zoomlens op onze digitale camera.

 

 

We lopen over het pad verder. Overal liggen koeienvlaaien. Vooral oude, maar op een gegeven moment ook een "verse"... Een paar meter verder blijkt waarom... er staan twee enorme stieren net naast het pad. Wij zijn allebei absoluut geen koeien-/stierenfans en dus keren we om. jammer, maar helaas, we zien het niet zitten om langs hen verder te lopen. Het pad is erg snel en we kunnen dus werkelijk geen kant op als de stieren op ons af komen.

 

's Avonds eten we een noodle soepje met blikgroente en blikham. Best lekker hoor, maar we hebben  echt behoefte aan verse groente en echt vlees. Van ruim twee weken blikvoer eten wordt je niet blij !!!

 

Na het eten gaan we nog even terug naar de plek waar de krokodillen liggen om te "crocspotten"... Als je een zaklamp naast je ogen houdt, kun je namelijk allemaal rode oogjes zien... spannend...

 

Rickert is te moe om mee te gaan, de wandelingen hebben toch iets meer energie gekost dan hij dacht/hoopte. Ik ga dus samen met Christa en Lou, het Duitse stel. We lopen in het donker met alledrie een zaklamp in de hand. Best moeilijk om het pad te vinden als het zo donker is. We lopen tussen de rotsen door en langs het water richting de plaats waar we vanmiddag de meeste "crocs" hebben gezien. En ja hoor, daar zijn ze, een heleboel oogjes. Overal waar we kijken zien we rode oogjes. Het is echt net alsof we naar sterren in het water kijken. Jammer dat Rickert er niet bij is !

 

17 oktober 2003 - Windjana Gorge - Fitzroy Crossing

 

 

We zijn om een uur of zes wakker en hebben al heel vroeg alles ingepakt. Terwijl we de afwas staan te doen (hadden we gisteravond geen zin in), komt een jongen op ons afgelopen. Hij verteld dat zijn accu leeg is en vraagt of we hem even willen helpen. Natuurlijk. Rickert rijdt naar zijn auto en haalt de startkabels te voorschijn. We proberen van alles, maar helaas, hij start niet. Als ze proberen te starten horen we een vreemd geluid... klik, klik, klik. Het lijkt een beetje op het geluid dat wij hoorden toen we ons startmotorprobleem hadden. Dus met ons gezonde verstand, want "mechanics" zijn we zeker niet, bedenken we dat dat nu ook misschien het probleem zou kunnen zijn... Goed, hamer erbij... paar tikken op de startmotor... weer proberen te starten... helaas, ook dit helpt niet.

 

Rickert rijdt samen met de jongen naar de "ranger", misschien dat hij een oplossing heeft. En inderdaad, die heeft hij. Hij doet op zich het zelfde als wat wij deden, maar laat de startkabels eerst een tijdje op beide accu's zitten voordat hij probeert te starten. Hij vertelt dat de lege accu dan een beetje stroom krijgt van de volle... en dat werkt ! Mooi, die kunnen ook weer weg... Later blijkt dat hun "radiatorfan" ook nog is afgebroken... dat lijkt ons een groter probleem... fijn zo'n gekochte auto... we zijn nu nog blijer met onze "Bika"... heerlijk om niet voor de reparaties te hoeven betalen !

 

We waren zo lekker vroeg... door het accu-verhaal is het "pas" half negen als we weg rijden. Gelukkig hebben we geen haast, we zien wel waar we vanavond uitkomen. Het is ca. 35 km rijden naar Tunnel Creek. Hier willen we een wandeling doen. We hebben al van velen gehoord dat het heel bijzonder is, omdat je door een tunnel moet lopen. Deze tunnel is bovendien voor een deel gevuld met water.

 

Net na ons komen Lou en Christa aangereden. Best prettig, want dat betekent dat we met z'n vieren (met vier zaklampen) de wandeling kunnen doen ! We klauteren over de rotsen die voor de ingang van de tunnel liggen en komen uit bij de eerste plas met water. Het is best eng om door deze hartstikke donkere tunnel te lopen... Het water is ijskoud en komt hier en daar tot boven mijn knieŽn. Lou ontpopt zich als een echte spoorzoeker. Hij loopt voorop met de beste zaklamp, op zoek naar het minst diepe

 

water. Na een paar honderd meter zien we licht... zouden we er nu al zijn ??? Nee dus, we zijn pas halverwege. We vervolgen onze weg, lopen door grote en kleine plassen water en af en toe over een soort zandbank. Na zo'n 600 meter zien we weer licht, nu zijn we wel aan het eind ! Op de rotsen aan de rechterkant is wat Aboriginal Rock Art te zien. Niet echt heel bijzonder, het zijn wat vage "poppetjes".

 

We relaxen even, drinken wat en lopen daarna weer terug. Bijzonder is het zeker, maar ook best eng. Ik heb me echt een paar keer afgevraagd waarom ik zo nodig de wandeling moest doen, maar achteraf was het echt de moeite waard !

Er heeft rond 1895 een behoorlijk drama in en rond deze tunnel afgespeeld. Een Aboriginal-man met de bijnaam "Pigeon" (Jandamarra was zijn echte naam) werkte samen met de politie om Aboriginals op te sporen die schapen/koeien van andere mensen doodden. Een aantal van de Aboriginals waar hij naar op zoek moest, maakten deel uit van zijn "stam". Hij voelde zich met hen verbonden, keerde zich tegen de politie en schoot zelfs een aantal politiemensen dood. De politie ging vervolgens naar hem op zoek en schoot hem neer. Ondanks zijn ernstige verwondingen wist hij te onsnappen en zich drie jaar in deze tunnel te verschuilen. Uiteindelijk is hij toch door de politie dood geschoten. Hij wordt nu door sommigen als held en door anderen als crimineel gezien.

 

Goed, dat was Tunnel Creek. We willen vandaag eigenlijk richting Broome rijden. Onderweg bereken ik of we nog wel genoeg diesel in onze tank hebben om het volgende tankstation te bereiken. Het wordt een beetje krap en dus besluiten we eerst naar Fitzroy Crossing te rijden. Dit is ruim 40 km de verkeerde kant op, maar dan hebben we wel weer een volle tank. Zo'n 5 km voordat we in Fitzroy zijn, reken ik nog eens na hoeveel kilometer het zou zijn geweest naar dat tankstation richting Broome. Ik blijk me verrekend te hebben... we hadden het makkelijk kunnen halen...

 

Goed, nu we toch bijna in Fitzroy zijn, kunnen we eigenlijk ook wel even naar Geiki Gorge. Dit is de makkelijkst bereikbare en dus drukste "gorge" van de Kimberley. Op foto's leek het ons niet heel erg bijzonder, maar goed, nu we er toch zijn willen we wel even een kijkje nemen. We gaan eerst naar een camping, zetten onze tent op en rijden vervolgens naar "Geiki Gorge". Er is een boottour voor $20,- p.p. dat lijkt ons wel wat. Lou en Christa zijn hier ook en waren van plan een wandeling te doen. Uiteindelijk besluiten ze om met ons mee te gaan op de boottrip.

 

 

 

 

 

Het is een interessante trip van ruim een uur. We waren langs de ene kant de "gorge" in en via de andere kant weer terug. Onderweg zien we de verschillende steensoorten van de "gorge", een aantal vogels en een stuk of acht zoetwater krokodillen. Het is mooi, maar we merken wel dat we een beetje "gorged out" raken... we hebben al zoveel mooie "gorges" gezien, dat deze niet echt bijzonder meer is. We zijn echt toe aan de kust !

 

 

We doen nog even boodschappen, eindelijk weer vers eten, en gaan daarna terug naar de camping. Heerlijk om even te kunnen zwemmen in een zwembad. Geen goanna's, geen krokodillen, erg relaxed...

 

18 oktober 2003 - Fitzroy Crossing - Broome

 

We ontbijten met gebakken eieren, weer eens wat anders dan de afgelopen twee weken... toen aten we vooral crackers met pindakaas en chocoladepasta... Rickert maakt een kop koffie voor Lou, Christa en zichzelf. Het is weer hartstikke gezellig. Echt heel grappig om te zien hoe goed we met elkaar kunnen opschieten terwijl we tussen de 15 en de 20 jaar met hen schelen. We spreken met hen af dat we, als we elkaar weer zien, we een gezamenlijke tapas-maaltijd zullen maken. Zij gaan vandaag naar Derby en waarschijnlijk morgen naar Broome, wij rijden daar vandaag al heen.

 

De weg tussen Fitzroy en Broome is echt hartstikke saai. Het is niet zo dat het uitzicht helemaal niet mooi is ofzo, maar het is gewoon bijna 400 km het zelfde. We zijn dan ook blij als we tegen half twee aankomen in Broome. Onze thermometer in de auto ging richting de kust ontzettend naar beneden. Het is hier echt lekker koel... 35 'C in plaats van 41 'C...

 

We gaan even naar het Visitor Centre om wat info over Broome en Cape Leveque te halen en rijden daarna naar het Cable Beach Caravan Park. De naam zegt het al, we zitten vlak bij het strand. Daar gaan we morgen maar eens kijken.

 

Bij de folders die we hebben gehaald zat ook een folder van "Sun Pictures", de (naar het schijnt) oudste "open-air-cinema" ter wereld. De vorige keer dat we in Broome waren, hebben we hier een hele foute film gezien. Het maakte niks uit, onder de sterren, in een strandstoel was zelfs die film prima. Vanavond draait een film die we wel graag willen zien. "Finding Nemo", een Walt Disney film, gaat over een visje dat gevangen wordt bij het "Great Barrier Reef" in AustraliŽ en terecht komt in een aquarium in Sydney... best zielig, maar natuurlijk komt het allemaal goed ! Heerlijk zo'n kinderfilm ;-)

 

Voor en na de film bellen we met onze ouders om hen te laten weten dat we de "Gibb" hebben overleefd en er zelfs erg van genoten hebben :-)

 

19 oktober 2003 - Broome

 

Vandaag is een beetje een rommeldagje. We draaien een aantal wassen (hard nodig na bijna drie weken "dirt roads"), doen boodschappen voor de komende dagen en gaan op zoek naar nieuwe slippers voor Rickert. Helaas zijn vandaag (het is zondag) veel winkels gesloten... we slagen dan ook niet voor de sandalen.

 

         

 

Vanavond is tapasavond... Lou en Christa staan op de zelfde camping en we hebben afgesproken dat wij een paar tapas maken en zij ook wat. Voordat we alles bereiden genieten we van een prachtige sunset op Cable Beach. Wij brengen crackertjes met een dipsausje mee, Lou en Christa zorgen voor de "sparkling wine"... wauw, wat is het toch afzien... dat kamperen...

 

De maaltijd ziet er werkelijk prachtig uit. Rickert en Lou hebben erg hun best gedaan, de tafel staat vol met schaaltjes, kommetjes en borden. Geroosterde amandelen, gevulde parika's, guacamole, albondigas (gehaktballetjes in tomatensaus), omelet met courgette en parmezaanse kaas, heerlijk brood, sardientjes met komijn en garnalen in citroen/peterselie/knoflook/chili-saus... heerlijk !

 

We smullen overal van en gaan pas om een uur of elf slapen. Erg gezellig zo'n tapas-avond !!!