Reisverslag

9 - 15 juli 2003

 

9 juli 2003 - Horsham - Mildura

We staan vrij vroeg op omdat we ons huisje (cabin) van de afgelopen dagen bijtijds moeten verlaten.

We willen voordat we vandaag naar Mildura rijden nog even wat boodschappen doen, tanken en de website updaten. Omdat ik de plaatjes op onze website verkeerd heb opgeslagen (veel te groot; ja ja, ik ben lekker bezig...) duurt het laatste nogal lang. Gelukkig matst de medewerker van het Business Centre ons en hoeven we "maar" een uur te betalen.

 

Goed, dat is dus geregeld. Nou ja, een beetje... niet alle foto's zijn online te zien... waarom nou weer... ik heb even helemaal geen zin meer in de website ! We laten het dus maar even zo en proberen het een andere keer, over een paar dagen, nog wel een keer.

 

De weg naar Mildura is lang (ruim 300 km) en vooral erg hobbelig. Het is wel gewoon asfalt, maar iets drinken terwijl we rijden in "levensgevaarlijk". We komen onderweg wat kleine dorpjes tegen. Het is ongelooflijk hoe groen alle velden zijn terwijl er een enorme droogte heerst.

 

Een kilometer of 50 voordat we Mildura inrijden moeten fruit en tomaten ingeleverd worden. Dit i.v.m. het tegenhouden van de fruitvlieg. Onze banaantjes hebben we al opgegeten, maar een aantal tomaten moet er aan geloven... ze gaan de afvalbak in. Zonde, maar gelukkig geven borden langs de weg ons een heldhaftig gevoel. Er staat op : "Proud to be a Fruit Fly Fighter"...

 

In Mildura rijden we met de Lonely Planet in de hand naar een camping aan het water. We rijden er eigenlijk zo heen. We zetten snel onze tent op, het is tenslotte al 5 uur geweest en dus bijna donker.

 

Het is behoorlijk koud. Een aantal mensen om ons heen heeft een open olievat waarin ze een kampvuur stoken. Wauw... dat willen wij ook. Morgen maar eens bij de receptie vragen of ze die vaten uitlenen ofzo.

 

We gaan nog even op possum-jacht. Nou ja, we jagen met onze zaklamp. Er zitten er een paar in de bomen op de camping. Ze zijn zo lief, echt heel schattig.

 

We liggen er weer vroeg in. Om half negen kruipen we in onze slaapzakken. We lezen nog even wat en dan is het mooi geweest...

 

10 juli 2003 - Mildura

De afwas van gisteravond hebben we nog niet gedaan, dus dat is vanochtend het eerste dat ik doe. Rickert maakt weer een heerlijk ontbijt, brood met gebakken eieren.

 

Na het ontbijt rijden we even de stad in. Bij de RACV (zeg maar de ANWB van Victoria, de staat waarin we nu zijn) kopen we twee boeken. Een boek met (bijna) alle "restarea's" en voordelige campgrounds van AustraliŽ en een boek met info over de Australische National Parks. Het laatste boek wilden we eigenlijk tijdens onze vorige reis al kopen, maar toen liet ons budget dat niet toe. Nu wel.

 

Hierna rijden we naar Wentworth. Dit plaatsje ligt zo'n 30 km ten westen van

Mildura. Vlakbij liggen de Perrie Sanddunes. Deze, volgens de Planet, "impressive" zandduinen zijn inderdaad erg mooi. Ze doen ons denken aan de zandduinen in Marokko. We waren eigenlijk van plan om hier lekker te picknicken, maar de gillende kinderen die hier met hun ouders zijn, zorgen ervoor dat we vrij snel weer weg zijn.

 

We rijden terug richting Mildura, we gaan naar Kings Billabong. Een "Wildlife Reserve" aan ten oosten van de stad. Voordat we gaan wandelen lunchen we bij de auto. De wandeling die aangegeven wordt op de info-folder kunnen we niet vinden. Nou ja, we lopen gewoon een ander pad in.

 

Onderweg zien we pelikanen, "red-capped Robins" (hele kleine vogeltjes met een

rood kopje), reigers, meeuwen, een soort papegaaien en nog wat andere vogels.

 

Na deze wandeling rijden we weer terug naar Mildura. We doen boodschappen voor de komende 4 dagen, omdat we de "bush" ingaan. Terug op de camping maakt Rickert wederom een lekkere maaltijd klaar.

 

Ik hou me bezig met het kampvuur. Vanochtend heb ik van de camping-eigenaar namelijk ook zo'n olievat te leen gekregen. Helaas blijk ik wederom geen ontzettend goede pyromaan. Desondanks geef mijn mini-vuurtje behoorlijk wat warmte af en heb ik in elk geval warme benen !

 

Met de kaart op tafel stippelen we na het eten grofweg de route voor de komende dagen uit. Daarna kruipen we lekker onze tent in.

 

11 juli 2003 - Mildura - Mungo National Park

Zoals gezegd gaan we de komende dagen de "bush" in. Niks engs ofzo, maar we gaan een aantal National Parks bezoeken waar we weinig water en geen eten en diesel kunnen krijgen. We vullen hier in Mildura dus al onze jerrycans (water en diesel).

 

Ik heb gelezen dat de weg naar Mungo National Park (ons doel voor vandaag) ruim 100 km van Mildura ligt. Het grootste deel asfalt. Wanneer we de zijweg inslaan richting het park blijkt al snel dat het inderdaad iets meer dan 100 km is, maar dat 88 ervan onverhard is, "gravelroad" dus. Dit wordt de eerste echte test voor de auto. En misschien ook wel voor ons...

 

Het valt erg mee. De weg is inderdaad onverhard, maar voor het overgrote deel erg goed. Met de auto waarmee we de vorige keer door AustraliŽ reisden werd je echt

gek van al het getril en gehobbel op dit soort

wegen, maar met deze auto hebben we nergens last van. We vinden het eigenlijk nog leuk ook, dat rijden over al die "corrugation" (hobbels in de weg).

 

Om een uur of 2 komen we bij het Vistor Centre aan. Hier blijkt dat we gepast moeten betalen voor onze overnachting en dagpas. In de informatiefolder stond alleen dat er hier betaald moest worden, maar omdat het een Visitor Centre is, dachten wij dat we er wel konden wisselen... Niet dus. Met wat gepuzzel lukt het toch. We stoppen het geld voor de overnachting en de dagpas gewoon samen in 1 zakje (i.p.v. in twee aparte zakjes), bij het tellen van het geld komen ze er vast wel uit.

 

We maken een rondje door het Centre, dat overigens onbemand is. Er hangt heel veel info over het park en z'n geschiedenis. Lake Mungo, de naam zegt het al, was zo'n 15.000 jaar geleden een meer. Het blijkt een gebied dat erg belangrijk is geweest voor archeologen. Ze hebben er namelijk menselijke (Aboriginal) botten en andere resten gevonden, waardoor ze een goede indruk hebben kunnen krijgen van de levenswijze van toen.

 

We doen de "circular drive", een rondrit van zo'n 65 km door het park. We zijn al snel bij de "Walls of China", een langgestrekte duin met daarin allerlei rotsen. Alles is wit, of in elk geval lichtgekleurd. Heel gek, want de grond in de rest van het park is hartstikke rood.

 

De "Walls" doen ons denken aan de Pinnacles (ten Noorden van Perth). De kleur is totaal anders, de Pinnacles zijn geel, maar er heerst een zelfde sfeer... Het lijkt een beetje op een maanlandschap.

 

De rest van de rit is ook erg mooi, vooral door het echte outback-landschap. Blauwe lucht, rode grond en veel kangaroes ! We rijden meteen door naar het Main Camp. De hoofd-kampeerplaats van het park dus. We proberen eerst ons kleine tentje uit. Dit tentje hebben we vanuit Nederland meegenomen. Het is echt heel klein, we kunnen er net samen in, maar het grote voordeel : het is ook heel erg licht in gewicht.

 

Het waait behoorlijk en het opzetten van de tent is dus niet erg makkelijk. Als ie eenmaal staat, hebben we het gevoel dat we beter in ons andere (grotere, stevige) tent kunnen gaan slapen. Kleine tent wordt dus weer afgebroken en grote tent wordt opgezet.

 

Rickert probeert op een stuk hout dat naast de tent ligt onze bijl uit. Niet echt succesvol. Het is keihard hout en ons kleine bijltje kan dat duidelijk niet aan.

 

Dan maar op ons kookstel koken i.p.v. op een kampvuur. Om zes uur hebben we een heerlijke "stir-fry" achter de kiezen. We zitten even lekker uit te buiken als onze "buurkinderen" naar ons toe komen. "I bet you will not be able to get that fire started with this wind, so if you want to cook you dinner at ours, you're welcome..." Fijn... deze kinderen komen ons dus vertellen dat hun ouders wel een vuurtje kunnen maken met deze wind, maar wij niet...

 

We zouden nu natuurlijk heel fanatiek kunnen gaan houthakken en een enorm vuur kunnen gaan maken, maar we kiezen voor de makkelijkste optie... we zeggen dat we al gegeten hebben, maar dat we straks graag even bij hun vuurtje willen komen zitten.

 

Zo gezegd, zo gedaan. Een uurtje later zitten we bij Vader Dale, Moeder Wendy, James (9 jr) en Emily (7 jr). Het blijken fervente reizigers te zijn. Ze hebben een heleboel van AustraliŽ gezien en geven ons een aantal tips. Dale vertelt ons dat hij als stuurman van het Australische roeiteam in Amsterdam is geweest. Hij heeft daar een wedstrijd op de Bosbaan gewonnen. Daarnaast is hij met z'n team o.a. naar de Olympische Spelen geweest. Moet een grappig gezicht zijn geweest, zo'n team lange sterke mannen met hem als stuurman, hij is echt heel klein. Een stuk kleiner dan ik !

 

Na ruim een uur gaan de kinderen naar bed en vertrekken ook wij richting tent. We maken lekker warme chocolademelk en kruipen daarna in bed.

 

12 juli 2003 - Mungo National Park - Kinchega National Park

Wat een onrustige nacht. Het heeft echt verschrikkelijk hard gewaaid. We hadden de tent opgezet met z'n "kont" in de wind, maar 's nachts is de wind helemaal gedraaid en stond ie recht op de voorkant. Ik ben er midden in de nacht zelfs een keer uitgeweest om alle haringen extra ver de grond in te stampen. Gelukkig is de tent prima blijven staan.

 

Als we na het ontbijt alles weer hebben ingepakt, maken we nog een wandeling. Het is maar een kort wandelingetje, maar desondanks heerlijk om wakker te worden. Beetje wind, zonnetje en wat kangaroes erbij, prima !

 

We willen vandaag naar Menindee/Kinchega National Park rijden. Het is zo'n 200 km hier vandaan. Bijna geheel onverhard. De weg erheen is weer vrij goed. Rickert zit als een echte chauffeur achter het stuur, ik met de kaart ernaast.

 

We lunchen in Menindee, een klein dorpje met nog geen 1000 inwoners. Rickert eet een burger die nauwelijks in z'n mond past en ik een bord gebakken kipdingetjes met patat. We gaan ook nog even naar het hele kleine Visitor Centre. Hier zit een man achter de balie die duidelijk verlegen zit om een praatje. Hij kijkt ons half scheel aan (we weten echt niet zo goed wie hij aan kijkt) terwijl hij allerlei anekdotes vertelt. We nemen wat folders mee met info over de National Parks hier in de buurt.

 

Vanavond willen we slapen in het Kinchega National Park, een park hier vlakbij. We doen eerst de Lake Drive, langs een meer dus zou je zeggen. Nou het is dat op onze kaart staat dat er een meer moet zijn, want water zien we nauwelijks. Jeetje, wat is het hier droog. Hier kun je echt zien wat de droogte waar AustraliŽ al een hele tijd mee kampt doet met dit soort gebieden.

 

Desondanks is er een hoop "wildlife" : allerlei soorten kangaroes, emus, konijntjes en heel veel vogels. We rijden een paar uur rond, doen naast de Lake Drive ook de River Drive. Aan deze Darling River vinden we uiteindelijk een erg mooi plaatsje. Een stuk verderop staat nog een auto met tent. Net dichtbij genoeg om ons een veilig gevoel te geven, maar tegelijkertijd net ver genoeg om ons het gevoel te geven dat we hier alleen zijn.

 

We genieten na het eten (pasta deze keer) van alle vogels om ons heen. Pelikanen, witte kaketoes, groene papegaaien, kleine boomklevertjes (o.i.d.) etc. Vooral de  pelikanen zorgen voor een ware show. Ze zwemmen in groepjes van drie of vier en zijn duidelijk aan het vissen. Ze gaan steeds tegelijkertijd kopje onder op zoek naar vis. Ze zouden het niet slecht doen op een kampioenschap schoonzwemmen !!!

 

Het lukt ons deze keer wel een mooi en warm kampvuur te maken.

 

13 juli 2003 - Kinchega National Park

Vandaag houden we een relax dagje. De afgelopen dagen waren ook zo ontzettend zwaar ;-)

 

We ontbijten rustig, lezen wat, typen wat, maken wat foto's, schrijven een paar kaarten, maken een wandelingetje. Kortom... lekker dagje.

 

14 juli 2003 - Kinchega National Park - Broken Hill

We worden gewekt door de Kookaburra's (vogels, die volgens mij alleen in Australie voorkomen). Ze zijn een prima wekker, want net als de dagen hiervoor beginnen ze rond 7 uur geluid te maken. Het zijn vogels, maar ze klinken meer als apen. Echt waar, het is een heel raar geluid.

 

Na het ontbijt rijden we richting Broken Hill. We tanken eerst nog even, want we zijn bang dat we het met het restje in onze tank niet redden. Broken Hill (zo'n 22.000 inwoners) gebruikt de tijd van South Australia. Best vreemd want de plaats ligt dus in New South Wales. Daarbij hebben ze ook het zelfde netnummer als South Australia etc. Blijven vreemde vogels, die Australiers...

 

In Broken Hill checken we in de bibliotheek even onze email. Het internet is hier gratis maar ook erg traag. We hebben weer erg veel "spam". Gelukkig ook een heleboel leuke berichtjes ! We lezen alles maar hebben geen tijd om terug te schrijven. Hopelijk kunnen we dat de komende dagen een keer doen.

 

Daarnaast doen we wat boodschappen, bezoeken we het Visitor Centre, eten we een lekker broodje bij de Subway en gaan we naar de bank. De pinnummers die we bijna twee weken geleden hebben uitgekozen, blijken namelijk niet te werken. We mogen vandaag op vertoon van paspoort en rijbewijs nieuwe nummers kiezen. Gelukkig, da's ook weer snel geregeld.

 

We slapen vannacht op een campground. Wel erg lekker hoor, een douche, na een aantal dagen in de bush ! Ik gebruik de shampoo die ik van Elly heb gekregen en smeer het scrubgelletje op dat ik heb meegenomen. Na het douchen nog even een lekkere bodylotion (ideaal die probeerzakjes die je bijna elke week bij de Viva krijgt...) Ook Rickert smeert en wrijft er op los. We voelen ons weer als nieuw :-)

 

We koken in de campkitchen. Tijdens het koken en eten raken we aan de praat met een stel mannen/jongens uit de buurt van Sydney. Zij zijn onderdeel van een kleine groep kerkgangers die hier samen vakantie vieren. Aardige mensen, vol verhalen.

 

Na het eten proberen we nog even Gijs en Susanne te bellen. Misschien zijn zij inmiddels de trotse ouders van een zoon en natuurlijk willen we graag weten hoe hij heet enzo. Helaas werkt het bellen met onze telefoonkaart niet zoals het hoort, morgen beter hopelijk.

 

Om half elf liggen we er in... dat is hier laat voor ons, gisteravond lagen we er om half 8 al in...

 

15 juli 2003 - Broken Hill

Half zeven, we worden gewekt door twee kleine kindertjes. De kleinste, een meisje van drie, staat onmiddellijk naast me nadat ik uit de tent ben gekropen. Wanneer ik haar vraag hoe ze heet, slaat ze haar handjes wijs op haar buik en zegt : "This is me !"... tsja, tegen zoveel wijsheid kan ik niet op.

 

Ik probeer nog even een soort gesprekje met haar te hebben voordat ze samen met haar ouders vertrekt, maar veel meer dan "yes" en "I've got stars on my socks" komt er niet uit.

 

We ontbijten vandaag met bacon & eggs, net als de "church-group". De hele "camp-kitchen" staat vol met mensen. Erg gezellig.

 

De rest van de dag spelen we toeristje. We bekijken "The big picture" (een schilderij van 100 meter lang en 12 meter hoog), "The living desert sculptures", en 's avonds genieten we van de zonsondergang in Silverton. Dit spookstadje, 25 km ten westen van Broken Hill, is decor voor vele films geweest (o.a. Mad Max II). Het is een raar plaatsje. Er is vanalles te zien : een paar kunstgaleries, een opaal-winkeltje, een oude mijn en vooral "The Silverton Hotel. Deze pub heeft in al die films verschillende namen gehad. Daarnaast heeft het hotel een rol gespeeld in vele reclamefilmpjes.

 

Voordat we gaan slapen werken we nog even de website bij, zodat we 'm morgen kunnen updaten.

 

De komende dagen zullen we nauwelijks contact met thuis hebben, we vertrekken morgen namelijk richting de echte Outback... Om jullie alvast een idee te geven van onze route, hieronder een kleine routeplanning voor de komende dagen/weken :

 

Mutawintji National Park, White Cliffs, Milparinka, Tibooburra, Sturt National Park, Cameron Corner, Innamincka, Lyndhurst, Marree, Birdsville, Longreach, Sapphire, Eungella National Park, Townsville, Magnetic Island, Mission Beach, Dunk Island, Cairns...

 

Of we ons helemaal houden aan dit schema weten we nu natuurlijk nog niet...

maar in het volgende verslag kun je er alles over lezen !